In 'Anthropogenic aerosol forcing of the Atlantic meridional overturning circulation and the associated mechanisms in CMIP6 models' van Taufiq Hassan et. al. wordt modelmatig betoogd dat variaties in de menselijke aerosolenuitstoot van aanzienlijke invloed is op de sterkte van de AMOC, inclusief een tijdelijke toename van de kracht van de AMOC later in de vorige eeuw. Ik geef de gemini-samenvatting:
Klimaatmodellen laten zien dat de menselijke uitstoot van fijnstof (aerosolen) een onverwacht grote stempel heeft gedrukt op de kracht van deze oceaanstroming in de vorige eeuw. Waar broeikasgassen de stroming continu verzwakken, zorgde fijnstof tijdelijk voor een flinke versterking.
Volgens de nieuwste, geavanceerde klimaatmodellen (CMIP6) verliep de ontwikkeling van de AMOC als volgt:
1900 – 1950: Weinig tot geen verandering.
1950 – 1990: Een duidelijke versterking van de stroming.
1990 – 2020: Een duidelijke verzwakking van de stroming.
De boosdoeners achter deze schommelingen zijn twee verschillende soorten menselijke uitstoot:
Broeikasgassen (zoals $CO_2$): Deze zorgen consistent voor een verzwakking van de stroming, vooral in de tweede helft van de 20e eeuw.
Luchtvervuiling / Fijnstof (antropogene aerosolen): Dit zijn zwevende deeltjes door industrie en transport. Tot 1990 nam deze vervuiling sterk toe. Dit zorgde ervoor dat er minder zonlicht het zeeoppervlak bereikte, wat leidde tot afkoeling, veranderingen in de wind en een hogere dichtheid van het zeewater. Dit effect stuwde de oceaanstroming juist op en blokkeerde tijdelijk de verzwakking die door broeikasgassen werd veroorzaakt. Na 1990 nam de luchtvervuiling in het Noord-Atlantische gebied af (door strengere milieueisen), waardoor de stroming alsnog ging verzwakken.
Natuurlijke factoren, zoals schommelingen in zonne-energie of vulkaanuitbarstingen, hadden nauwelijks invloed.
Hoewel de computermodellen erg nauwkeurig zijn, is er een opvallende kloof met de werkelijkheid tussen 1950 en 1990:
De Modellen: Laten in die periode een versterking van de stroming zien (door de luchtvervuiling).
Indirecte Waarnemingen: Wijzen er juist op dat de stroming in het echt toen al aan het verzwakken was.
Daarnaast onderschatten de modellen hoe snel de Atlantische Oceaan in werkelijkheid is opgewarmd.
De onderzoekers geven hier drie mogelijke redenen voor:
Natuurlijke schommelingen: Het klimaat kent eigen, onvoorspelbare golven (interne variabiliteit) die niet door de mens worden veroorzaakt. Een paar computermodellen die deze natuurlijke schommelingen toevallig 'goed' meerekenden, kwamen wel overeen met de waarnemingen.
Onnauwkeurige metingen: De historische gegevens uit de echte wereld zijn soms indirect en bevatten onzekerheden.
Model-fouten: De computermodellen schatten het effect van luchtvervuiling (fijnstof) mogelijk te zwaar in.
Kort samengevat: De AMOC-oceaanstroming is heel gevoelig voor menselijke invloed. Broeikasgassen remmen de stroming af, maar de opbouw van luchtvervuiling in de 20e eeuw heeft die rem er tijdelijk deels afgehaald. Nu de lucht in Europa en Noord-Amerika schoner is geworden, krijgt het effect van de broeikasgassen weer de overhand en zwakt de stroming af.