Geert Jan van Oldenborgh wilt de waarde van weerregels voor de winter toetsen. Wat hij schrijft over de zonnevlekken vind ik getuigen van een slechte interpretatie van de feiten om toch maar te blijven vasthouden dat een koude winter niet te voorspellen is.
Toch wel verdacht dat hij alle factoren die zouden kunnen wijzen op een KOUDE winter weerlegt, alsof het vanzelfsprekend zou zijn dat we normaal altijd een te zachte winter krijgen
Denk dat ik hem eens ga contacteren ivm die zonnevlekken
Zonnevlekken
Zo'n honderd jaar geleden werd algemeen aangenomen dat de zonnevlekkencyclus het weer bepaalde. Zelfs in de jaren 1950 werden er nog serieuze pogingen gedaan het weer hiermee een aantal jaren vooruit te voorspellen. Daarna is men zich toch gaan realiseren dat die voorspellingen niet vaak uitkwamen, en zijn de zonnevlekken op het KNMI in onbruik geraakt. Daarbuiten schijnen ze nog veel gebruikt te worden om de felbegeerde winterverwachting te maken.
In de meest simpele vorm wordt gesteld dat strenge winters een laag zonnevlekkengetal hebben, bijvoorbeeld naar aanleiding van de observatie dat behalve 1947 alle elfstedentochten verreden zijn in een maand met minder dan 50 zonnevlekken. Nu heeft 2/3 van alle maanden een zonnevlekkengetal onder de 50, dus er moeten ook heel veel heel zachte wintermaanden bij zijn. Ook hier biedt een grafiekje uitkomst. Daarin is te zien dat er vrijwel evenveel zachte winters met weinig zonnevlekken waren als strenge. Er is weer een heel licht verband de goede kant op, maar dit is weer weinig betrouwbaar (p=39%). Zelfs over de bijna 300 jaar van de Zwanenburgreeks wordt dit niet beter.
Quote selectie