Re : Mooi overzicht. En Winter 66

Bericht van: Harrie Laanstra , 18-11-2005 15:33 

Opvallend is het, hoe de tweede decade van november 1965 er uit springt. Een bijzondere vorstperiode, zo herinner ik mij. En dan afgesloten met sneeuw, eerst van Noordzee-buien en later uit een warmtefront. De laatste sneeuw smolt snel weg.

November 1965 had ook een vroege ijsdag in De Bilt, namelijk 14 november. Alleen geslagen bij mijn weten door 1980 op 3 november.

De winter van 65/66 staat bij ons niet te boek als een strenge of zeer koude winter. Wel presteerde deze iets te koude winter een paar mooie dingen. In januari een vorstperiode van 16 dagen met ijsdikten van 15 tot 18 cm (schatting van mij). Bovendien viel er in die periode sneeuw, die opviel door de zeer klein vlokken met prachtige kristallen; een bijzonder mooi verschijnsel en in onze streken niet alledaags. Deze sneeuw was kennelijk ontstaan in een zeer koude luchtlaag. Aanéénklonteren tot grote vlokken was daarbij niet aan de orde. De hoeveelheden sneeuw waren niet groot. Het hele verhaal was het gevolg van een koudeput boven het Europese continent. Zie kaartje.

In februari kwam de winter nog een keer terug, vooral herinnerd door de ijzel en sneeuwstormen in het noorden van het land. In het zuidwesten stelde deze periode weinig voor.

In Scandinavië staat de winter van 66 te boek als bijzonder koud, trouwens. Dat bericht verbaasde mij achteraf, omdat bij ons het wintergemiddelde normaal was met 3,0 en het koudegetal met 99,3 wel aardig maar niet bijzonder hoog.

Groet,
Cees


De afwijking van de wintertemperatuur in Noord-Zweden was in 1965-1966 minus 9 graden C. Haparanda in Noord-Zweden had sinds 1860 nooit eerder zo'n koude winter gehad. De gemiddelde temperatuur van de drie wintermaanden was er minus 12.8, minus 19.0 en minus 20.9 gr. C. De ijsgrens in de Oostzee reikte nog stukken zuidelijker dan in de strenge winter van 1962-'63.
Tegelijkertijd was er een positieve temperatuurafwijking tot bijna 6 gr.C. ten noorden van de Zwarte Zee en de Kaukasus.

De normale normale temperatuurtegenstellingen tussen Noord en Zuid-Europa werden daardoor drastisch vergroot. Deze versterking van het temperatuurcontrast is veroorzaakt door een hardnekkige luchtdrukverdeling, die de gehele winter door de luchtcirculatie heeft bepaald. Dit luchtdrukpatroon bestond dus reeds in november, terwijl het in april opnieuw optrad. Het patroon werd gevormd door een krachtig arctisch hogedrukgebied met een centrum boven Groenland en daartegenover een diep centrum van lage druk midden op de noordelijke Atlantische Oceaan. Dit lagedrukcentrum was ten opzichte van zijn normale ligging naar het zuiden verschoven. Een uitloper ervan reikte oostwaarts tot boven Midden en Oost-Europa. Daarnaast is er herhaaldelijk sprake geweest van een afzonderlijk centrum van hogedruk boven Fennoscandinavië.

(Naar B. Zwart: "Het arktisch hogedrukgebied bepaalde de winter van 1965-1966 op het Noordelijk Halfrond" - Hemel- en Dampkring)

Grasminimum 00-06 UTC -6.4 graden op Twenthe   ( 161)
Alwin (Zeist-West) -- 18-11-2005 11:35
Re : Mooi overzicht. En Winter 66   ( 75)
Cees-Rotterdam -- 18-11-2005 13:32
Re : Mooi overzicht. En Winter 66   ( 28)
Harrie Laanstra -- 18-11-2005 15:33