Maar één kenmerk is duidelijk: het patroon is al ettelijke maanden meridionaal. En meriodionale patronen hebben nu eenmaal de neiging om persistent terug te keren, al dan niet in hun spiegelvorm (zuid-noord / noord-zuid). Dat hebben we in heel wat strenge winters ook gezien.
En in heel wat strenge winters niet. En in heel wat zachte winters weer wel. En in de meeste winters af en toe een beetje.
Dat een meridionale circulatie af en toe 'standvastig' is, dwz gevolgd wordt door nog eens of vaker dergelijke circulaties, is statistisch te verwachten maar bewijst helemaal geen specifieke standvastigheid van meridionale circulaties. Je concludeert toch ook niet dat een dobbelsteen mysterieuzerwijze gewogen is geraakt als je er (ongetwijfeld tot je grote plezier) driemaal achter elkaar een zes mee gooit?
Als je gewoon gaat turven - de Grosswetterkatalog heeft dat al voor je gedaan - wordt dat heel duidelijk.
Je moet de kaarten van de herfsten van 1978, 1984, 1986 en 1995 maar eens bekijken: zeer standvastige zuid-noord meriodionaliteit,...
Herfst '86 was pur sang compleet van a t/m z volledig en geheel keihard west van begin oktober tot en met Kerst. Op 15 dec '86 stond het ca. 915 hPa ten ZW van IJsland.
Het is overigens niet mogelijk zinvol te argumenteren aan de hand van een paar uitverkoren jaren zoals jij doet. Je moet ze allemaal bekijken/vergelijken. En dan blijkt natuurlijk gewoon dat er practisch of zelfs helemaal nulkommanul verband bestaat tussen circulatiepatronen in de herfst en de opvolgende winter.
Quote selectie