In Friesland herinnert men het zich nog levendig: De spectaculaire wijze waarop daar tussen de regels van de weeroverzichten door de koudegolf van januari 1987 werd voorspeld. Het stond allemaal zwart op wit in het dagelijks weerbericht van Peter Cruyff in het Friesch Dagblad.
Achteraf heeft de winnaar altijd gelijk, maar aan de vooravond van de winter van 1986-1987 ging de gevestigde meteorologische orde in Nederland ervan uit, dat het wel niet tot iets groots zou komen. In de weeroverzichten van Cruyff klonk een ander geluid. De vraag is nog altijd: Waar was het op gebaseerd? Veel daarover te weten, krijgen we niet. Er wordt gewag gemaakt van “eigen berekeningen”, maar wat dat dan inhoudt, is niet duidelijk. Maar de resultaten tellen en die waren adembenemend. Hier volgt de opbouw naar de koudegolf van januari 1987.
Op zaterdag 20 december bericht Cruyff: “Wat de lezers van mijn weerrubrieken omstreeks deze tijd van mij gewend zijn te ontvangen, zijn de uitkomsten van de berekeningen van de zeer lange termijn. Die heb ik juist gisteravond gereed gekregen en beslaan de komende periode tot maart 1987. Op grond daarvan kan ik evenals vorig jaar een winter aankondigen die ons met de schaatsen op natuurijs zal brengen en dan niet alleen op de ondiepe natuurijsbanen, maar ook op grachten en dergelijke wateren. Kortom, opnieuw een koude winter. Wat deze decembermaand betreft, lijkt alleen de komende week op vorstgebied te gaan scoren en moet het daarna tijdelijk weer wat zachter worden. Maar in het nieuwe jaar mag dan op een behoorlijke vorstinzet worden gerekend”.
Dinsdag 23 december: “De berekeningen voor de lange termijn geven aan, dat het zachtere weer tot het nieuwe jaar zal aanhouden. Vervolgens wordt dan een stevige vorstinzet verwacht met een gunstig perspectief voor de schaatsliefhebbers”.
Zaterdag 27 december 1986: “De nu binnenstromende zachtere lucht zal het winterweer ook in de rest van Europa verder gaan terugdringen. Daarmee zal de schijn worden gewekt, dat dit het algemene beeld van deze winter gaat worden. Maar nog steeds laat het zich aanzien, dat de vorst in het nieuwe jaar met forse kracht zal terugkeren. Tegen die tijd wordt een ijzige Siberische kou-inval verwacht, die ons binnen enkele dagen in de strenge vorst moet gaan zetten”.
Op maandag 29 december 1986 wordt Johan Effing uit Losser geciteerd in de weerrubriek van Hans de Jong in Trouw: “Regen bij de vleet en dat terwijl in Losser al 105 mm gevallen is. Medewerker Johan Effing zei dat de Dinkel al over zijn oevers loopt. “En is dat zo”, aldus Johan, “dan krijgen we persé flinke winterkou”.
Vrijdag 2 januari 1987: “Het lijkt mij zeer waarschijnlijk dat de voorspelling van de weercomputers (vooral die van het Europese weercentrum te Reading/Engeland), als zou de winter bij ons geen echte kans krijgen, binnenkort zal worden herzien”. Dagblad Trouw bericht echter op deze dag: “Er is niets dat wijst op een forse kouinval, laat staan een Siberisch kou-transport rondom Driekoningen”.
Maandag 5 januari 1987: “Het laat zich aanzien, dat er zich bij Schotland een hogedrukimpuls gaat voordoen. Wanneer dit proces weet door te zetten, zullen de oceaandepressies deze week gedwongen worden hun koers zodanig te verleggen, dat wij in een toenemende greep van een koude stroming komen te liggen. In ieder geval heeft de zachtere lucht van dit moment geen bres geslagen in de berekeningen voor de lange tot zeer lange termijn, die onverkort blijven wijzen op de komst van een stevige vorst- en daardoor schaatsperiode tijdens dit winterseizoen”.
Dinsdag 6 januari 1987: “Koude lucht vanuit Siberië is bezig zich via de Scandinavische landen een weg naar ons te banen. Doordat zich nabij Schotland een hogedrukimpuls voordoet, zal dit een blokkering inhouden voor oceaandepressies en wordt boven ons gebied de weg vrijgemaakt voor de op ons afkomende koude lucht.
Dat het tot nu toe vrij kwakkelig verloopt met deze winter, is geen maatstaf om daaruit een zachte winterperiode af te leiden. Ook vorig jaar hadden we dikwijls met dit soort situaties te maken, uiteindelijk gevolgd door de Elfstedentocht. En de berekeningen voor de lange en zeer lange termijn wijzen op een voldoende krachtige vorstuithaal om bij ons de schaatsen uit het vet te krijgen”. In Trouw staat echter te lezen: “We zien hoe wispelturig het januariweer toch wel is. Van een echte blokkering is geen sprake en ik moet nog zien dat dat deze maand zal gebeuren”. In hetzelfde bericht wordt echter gemeld, dat De Dinkel nu reeds voor de 3e keer buiten zijn oevers is getreden en dat dat vrij uniek genoemd mag worden. Sinds eerste kerstdag was in Losser maar liefst 169 mm opgevangen!
Vervolgens sturen vanaf woensdag 7 en donderdag 8 januari 1987 alle atmosfeermodellen en alle weerkundigen aan op een inzettende koudegolf van de ouderwetse soort vanaf 9 – 10 januari.
Knap voorspeld dus door Peter Cruyff, die mijns inziens vervolgens zijn hand enigszins overspeelde door te gaan speculeren op nóg koudere en spectaculairder ontwikkelingen. Op 13 januari 1987 kondigt hij althans aan: “Mijn prognose voor de komende tijd blijft wijzen op de komst van een nog fellere kou-aanval, waarbij we niet alleen met nog lagere temperaturen dan thans te maken krijgen, maar ook met een sterker wordende wind en een toenemende kans op sneeuw. Die laatste combinatie kan gemakkelijk het effect van een sneeuwstorm krijgen”.
De realiteit was, dat de koudegolf als een nachtkaars uitging en ook niet meer terugkwam. Pas in maart was er een nawinter met ijzeloffensief boven Noordoost-Nederland.
Quote selectie