toch wel een beetje, hij heeft het over meer winter op de kaarten en dat na het weekend met een aantrekkende Oostenwind meer kou naar ons land getransporteerd wordt. Ik zoeken, maar zie nergens kou in de brongebieden [ het Oosten in dit geval]en zeker niet meer kou! Verder wordt op enige hoogte allen maar warmere [ en vochtigere] lucht aangevoerd rondom de H kern[ de + 5grc op 850 Hpa komt akelig dicht in de buurt, brongebied de subtropen]. Dit zal leiden tot meer grenslaag bewolking en vermindering van de uitstraling.
Daarbij komt nog dat onder invloed van het westwaarts trekkende hoogtelaag en later de aansluiting bij een Az hoogtelaag de wind aan de grond meer en meer naar het zuiden gaat draaien later in de week, ook vandaar is geen echte kou te verwachten.
Dus , hoezo meer winter op de kaarten? Lijkt me meer een vader, wens en gedachte scenario. Maar meteorologisch vereist zijn redenering wel enige uitleg.
Om over de uitstroom van kou in het GKB en de effecten op onze regio in het UKGB nog maar te zwijgen, want dat scenario is gekoppeld aan het het wegzakken van het hoog en dus afsnijden van die kou voor ons, naar het Zuid Oosten.
Een weinig winters plaatje. Maar ja op die termijn is niks zinnigs te zeggen ook door Jan Visser niet.
Grt,
John
Op zich ben ik het wel met je eens dat hier af en toe wat te hard van stapel wordt gelopen maar jij overdrijft ook.
De 5°C op 850 hPa is geen subtropische lucht maar wordt veroorzaakt door subsidentie in het hogedrukgebied. Die lucht is dus kurkdroog. Het uitstralings voordeel wordt tegenwoordig welliswaar afgeremd door hogere concentraties aan andere broeikasgassen maar desondanks koelt het 's nachts nog flink af als het opklaart. Als het bewolkt is dan koelt de toplaag van de bewolking zelf af. Bij stratocumulus dringt dat niet zo 1,2,3 tot de grond door maar bij stratus merk je dat wel in het achterblijven van de maximumtemperatuur, mits het boven de stratus vanaf 300-500m helder is.
Door verdergaande subsidentie drogen de wolken van bovenaf uit en daalt de inversie en door uitvriezing van mist droogt de lucht nabij de grond uit. Ligt de inversie laaggenoeg dan droogt de lucht door menging ook uit als het gaat waaien, zeker in de Duitse heuvels. Uiteindelijk klaart het wel op.
Probleem vormt de Oostzee. Deze voegt telkens weer nieuw vocht aan de lucht toe wat zich vervolgens over Polen en de Noord-Duitse laagvlakte uitsmeert. Laat dat net ons aanvoerrichting zijn. Tevens zal door convectie de subsidentie-inversie boven de Oostzee minder goed kunnen dalen. Maar wordt de grenslaag daar ook dunner dan kan die minder vocht opnemen.
Een draaiing van de wind naar zuidoost of zelfs zuid is alleen maar gunstig want dat vergroot de kans op opklaringen.
Victor
Quote selectie