Je kunt wel naar WAA gaan zoeken maar die zie je niet op de Wetterzentralekaarten. Die zit namelijk in de stratosfeer.
Het verschil is dat WA in de troposfeer samengaat met een duidelijk, sterk en afgemeten hogedrukgebied, wat snel tot stand komt.
Bij een warme stratosfeer stijgt de gemiddelde druk veel langzamer maar in een veel groter gebied op noordelijke breedten. Waar de kernen komen te liggen is moeilijk te zeggen. Vaak zijn er ook meerdere kernen te zien, bijvoorbeeld bij IJsland en NW-Rusland. In de grote hogedrukgebied tollen nog eens koude putjes rond die de weersverwachting nog onzekerder maken.
Mooi voorbeeld van een sterk Skandihoog zonder sterke oceaanrug is de periode eind januari/begin februari 1991.
Kleine vingertjes staken vanaf Europa noordwaarts en bouwde al aan een Noord-Europees hoog. Een dun vingertje over GB was voldoende op de winterse setting af te maken.
Ook toen was er spraken van een warme stratosfeer aan Europese zijde.
Victor
Quote selectie