Voor de winterliefhebbers nog wat leesvoer voor het slapengaan.
Een belangrijke parameter waar naar gekeken wordt in het belang van winterweer is de NAO-index. NAO staat voor North Atlantic Oscillation en beschrijft het druk verschil tussen het Azorengebied en de regio IJsland. Bekende begrippen uit de weerpraatjes zijn het Azorenhoog en het IJsland-laag. Uit dit drukverschil wordt een gemiddelde berekend (geïndexeerd) en bij postieve waarden is het drukverschil groter dan normaal en bij een negatieve waarde kleiner. Meestal wordt gekeken naar het 500 hPa-vlak. Negatieve waardes worden als gunstige beschouwd voor winterweer in de lage landen. Hieronder laat ik met een aantal voorbeeldkaarten zien welke rol de NAO speelt.
Eerst nemen we lage NAO-kaarten door. We beginnen daarbij met de kaart van 1 januari 1963, uit dé winter der strenge winters. We zien een krachtig hoog boven Groenland, wat ook in de bovenlucht goed ontwikkeld is, met een uitloper over Zuid-Skandinavië. Tussen dit hogedrukbolwerk en koude laagjes, die rondtollen nabij NW-Rusland wordt koude poollucht Noord-Europa binnengepompt. Depressies rondom de Azoren, Spanje en Frankrijk zuigen die lucht vervolgens met een oostelijke stroming naar Nederland. Het is volop winter.
(Invalid img)
Een andere klassieker met een negatieve NAO-index is 28 december 1978 met opnieuw een hoog bij Groenland en een bel zeer koude lucht boven Skandinavië. De lagedrukgordel beneden ons ligt hier noordelijker zodat zachte oceaanlucht via de Golf van Biskaje midden-Europa binnenstroomt. Boven ons omgeving botst deze op de koude lucht uit het noordoosten. Het gevolg is dat we onder een aktieve frontale zone liggen met regen, ijzel en sneeuwjachten. Het temperatuurverschil tussen zuid- en noord-Nederland kan hoog oplopen. Dit is de typische Grenswetterlage (GWL) waarvan ook de sneeuwstorm van 14 februari 1979 een beroemd voorbeeld is.
(Invalid img)
Maar er zijn allerlei andere variaties mogelijk met een lage NAO die lang niet altijd winterweer op hoeven te leveren. Hieronder de kaart van 18 december 1997. Een diepe en omvangrijke depressie ten westen van Frankrijk zorgt voor lage drukwaarden nabij de Azoren. Tegelijkertijd heeft een hogedrukgebied boven Oost-Europa een krachtige uitloper richting IJsland. Hiertussenin staat een krachtige zuidoostelijke stroming die milde lucht vanaf de Middellandse zee aanvoert. Door Föhnwerking van de Alpen is het ook bij de grond niet koud.
(Invalid img)
Een andere variant van dit cyclonale thema vormt 20 februari 1966. Opnieuw een grote depressie zuidelijk op de Oceaan maar de druk wordt in het noordwesten hoog gehouden door een hogedrukgebied met de kern achter Groenland of soms ook als uitloper van een hoog boven Canada. In samenwerking met een koude put boven Noord-Europa wordt arctische lucht langs IJsland naar het zuiden gepompt en door de Azoren-depressie verder de oceaan op gezogen. Deze lucht wordt daarbij sterk opgewarmt en werkt de ontwikkeling van depressies in de hand. Bij ons is de luchtdruk laag maar zonder storm. Het is regenachtig en zacht bij hoofdzakelijk zuidelijke winden.
(Invalid img)
Op de volgende kaart domineert het Groenlandhoog de negatieve NAO-index en heeft een uitloper in onze richting. Tussen de trog boven Skandinavië staat een noordelijke stroming die op weg naar Nederland boven het warme Noordzeewater opwarmt. Dit levert geen vrieskou op maar wel winterse buien.
(Invalid img)
Ook in het laatste voorbeeld is de luchtdruk nabij de Azoren minder laag. Onder de noord-Europese hoogtetrog heeft zich een afzonderlijke depressie gevormd boven de Noordzee die de rug over Engeland heeft weggeduwd. Ondanks de zuidwestenwind is het bij ons niet zacht. Er kunnen dan flinke sneeuwbuien vallen mogelijk met onweer. Dat was op 2 maart 2006 ook het geval exact een jaar na de extreme sneeuwval in het noorden (toen een min of meer vergelijkbare situatie met een sterk negatieve NAO).
(Invalid img)
Nu de situatie van een positieve NAO-index.
Deze klassieker van februari 1989 doet de winterliefhebbers pijn aan de ogen. Het beresterke Azorenhoog heeft een krachtige uitloper over zuidelijk Europa. Langs IJsland scheren diepe depressies naar het noordoosten, gekoppeld aan een gebied met zeer lage geopotentialen boven Groenland. Zachte oceaanlucht stroomt met grote snelheid via het Noordzeegebied naar het noordoosten en dringt door dat in NW-Rusland. Winterweer is geen velden of wegen te bekennen of het moet wat stralingskou zijn die zich ophoopt in de dalen van de Alpen.
Nederland heeft een overwegend bewolkt en zacht weertype met af en toe wat regen op passage van frontuitlopers van de IJslanddepressies.
(Invalid img)
Bij de volgende klassieker ligt de straalstroom zuidelijker. De krachtige Azorenrug ligt over de Middellandse zee. Felle oceaandepressies trekken al uitdiepend over de Britse Eilanden naar Skandinavië. Heel Europa wordt volgepompt met zachte lucht en tot in Moskou is de temperatuur boven nul. Het weerbeeld is onstuimig en erg zacht. Op 26 februari 1990 trok een zeer zware storm de Noordzee op.
(Invalid img)
Maar net als bij de negatieve NAO zijn er een bij een hoge NAO-index allerhande varianten.
Hieronder een voorbeeld tijdens de start van het nieuwe milennium. Het Azorenhoog heeft nu, voornamelijk in de hoogte geen uitloper over Europa en de IJslanddepressie blijft op haar plaats. Uitgezonderd het westen, bevindt Europa zich in een soort niemandsland met enkele vlakke hoge- en lagedrukgebieden. Het weer hangt daarbij af van de voorgeschiedenis en het wel of niet aanwezig zijn van een sneeuwdek. In Nederland sijpelt er wel zachte Oceaanlucht binnen.
(Invalid img)
Maar het kan ook nog erger, zoals op 21 februari 1990. De NAO wordt hierbij gedomineerd door diepe oceaandepressies die het Azorenhoog naar het zuiden weg proberen te duwen.
In plaats daarvan ligt er een krachtig hogedrukgebied boven Centraal-Europa. Een straffe zuidwestelijk stroming voert zeer zachte lucht aan. Met wat zon werden er op deze februari dag uitzonderlijk hoge temperaturen gemeten tot 18-19 graden in het zuiden.
(Invalid img)
Daar en tegen sluit een hoge NAO winterweer zeker niet uit. Wat dacht je van 4 februari 1991? De IJslanddepressies heeft zich teruggetrokken naar zuid-Groenland en een uitloper van het Azorenhoog heeft een nieuw filiaal gesticht boven Skandinavië. Bij Griekenland ontwikkelt zich bij deze variant vaak een depressie die de Russische kou Europa in zuigt. In Nederland wordt met een oostenwindje continentale lucht aangevoerd waarin het gemakkelijk vriest.
(Invalid img)
Wat je vaker ziet is dat het hogedrukgebied juist met de kern boven ons ligt. Het wordt daarbij voortdurend gevoed door warmte-advectie tussen de Azoren en oceaandepressies die langs IJsland richting Spitsbergen trekken. Bij ons is het dan rustig en grijs. Door uitstraling kan het vriezen maar op wat grotere hoogte is de lucht erg warm en droog door subsidentie in het hogedrukgebied.
(Invalid img)
Tot slot nog één variant op de NAO die wordt gedomineerd door het Azorenhoog dat het zwaartepunt wat meer naar het noorden heeft verlegd. Nu is Skandinavië het verzamelnest van depressies. Met een meer noordwestelijke aanvoer is het nog steeds vrij zacht en onstuimig. In de achterkamer van een wegtrekkende depressie wel dan nog wel eens winterse bui vallen en onder een tregrug is er landinwaarts wat nachtvorst mogelijk.
(Invalid img)
Samengevat kunnen we aan de hand van NAO-index niet gelijk concluderen of er wel of geen winterweer komt. De NAO beschrijft het luchtdrukverschil boven de Atlantische Oceaan. De drukverdeling ter hoogte van Europa kan daarop sterk afwijken en die speelt eveneens een belangrijke rol voor ons. Daarnaast geeft de NAO niet aan of de druk boven de Oceaan gemiddeld hoog of laag is. Algemeen kunnen we stellen dat de NAO nauwelijks affect heeft op de aanvoer van vrieskou uit het oosten maar het regelt wel de aanvoer van zachte lucht vanaf de oceaan. Bij negatieve NAO wordt de oceaanlucht teruggefloten maar kan zachte lucht ons vanuit het zuiden evengoed nog wel bereiken. Het belangrijkste is dat Skandinavië dan vaak wordt volgepompt met koude lucht. Bij een positieve NAO hoeft de zachte lucht ons ook niet te bereiken en wordt vaak tegengehouden door een hogedrukgebied. We kunnen zelfs aan het voeteneind liggen van koude continentale stroming uit het oosten. Maar over het algemeen is een negatieve NAO gunstiger voor de winterliefhebbers. Dat geldt zeker als je ook naar de sneeuwmogelijkheden kijkt.
Victor
Quote selectie