De NAO is in meteorologische kringen een algemeen geaccepteerde index en wordt ook bij klimaatsonderzoek betrokken. Hoewel de NAO van week op week erg variabel is en overgeleverd is aan de chaos van de atmosfeer zijn er op langere termijn wel patronen te herkennen. Op onderstaande figuur zie je dat de winter NOA-index in de jaren '60 gemiddeld erg laag was en rond 1990 een hoge piek bereikte om daarna weer terug te zakken naar normalere waarden.
De verzachting van de Nederlandse winters vanaf eind jaren '80 kan voor een groot met de NAO worden verklaart. Er waren ook klimaatmodellen die dat voor rekenden. Het feit dat deze index ook bij klimaatswetenschappers onder de aandacht is betekent dat er mechanismen werkzaam zijn die door de ruis van het weer heenwerken.
(Invalid img)
Zo vormt de NAO een rader in de algehele circulatie rond het noordelijke halfrond. De mate van zonaliteit wordt dan uitgedrukt in de AO (arctic oscillation) of de NAM (northern annular mode). Als tegenhanger heb je ook nog de SAM (southern annular mode). De AO en dus ook de NAO is signifant gekoppeld aan de stratosferische poolwervel. Er zijn aanwijzingen voor een zwakke poolwervel voor aanstaande winter met dus een grotere kans op een lage NAO-index. Verder schijnt er een verband te zijn tussen El Nino en de NAO. Ook heeft een profiel van zeewatertemperaturen van de Noord-Atlantische oceaan effect op de NAO. Tot slot is er nog een statistische signifant verband gevonden tussen de sneeuwbedekking van oktober op het noordelijk halfrond en de NAO in de opvolgende winter. Hoe dat werkt is niet duidelijk. Alle signalen wijzen echter wel op een negatieve NAO-index aankomende winter.
Hieronder zie je de prognoses en verificatie van MRF (waarvan GFS een onderdeel is)van de NAO-index over de afgelopen weken.
(Invalid img)
Victor
Quote selectie