[...]
Naarmate het ijs een grotere dikte bereikt is er ook meer, lees strengere, vorst nodig om aangroei te realiseren. Verder is er strenge vorst benodigd voor de "moeilijk bereikbare" plekken als onder bruggen, en in geval van een niet weggeveegd sneeuwdek. Hier bereik je weinig tot niets met lichte/matige vorst.
Ook hier is het dus niet simpel een kwestie van vorstsom, maar ook en vooral de intensiteit.
Ik kan natuurlijk fout zitten, maar ik denk toch dat het ijsaangroeimodel van het KNMI (dat zijn nut toch al heeft bewezen) mathematisch gezien vrij lineair werkt en dat intensiteit van de vorst geen rol speelt, enkel de optelsom van de ononderbroken koudeproductie. Misschien kan Ben hierover uitsluitsel bieden?
Quote selectie