De potentiele verdamping is niet hetzelfde als de referentie verdamping. De potentiele kan wel tot 30% hoger zijn.Dat wist ik niet. Wat is precies het verschil?
Er zijn tig definities, dus het is altijd opletten, en het varieert per toepassing. Referentieverdamping gaat altijd over een fictief gewas zonder water tekort, meestal gras, maar soms wordt ook wel alfalfa gebruikt. Potentiele verdamping is meestal de verdamping van een werkelijk gewas, zonder water tekort. Of dat meer of minder dan gras is hangt dan af van het gewas. In Nederland kan mais bijvoorbeeld wel 20% tot 30% meer verdampen als gras, en in bepaalde omstandigheden kunnen de verschillen nog wel groter zijn. Mais (een C4 gewas) kan veel beter omgaan met warmte dan C3 gewassen zoals grad. Dus tijdens die 40 graden van vorig jaar is mais nog meer in het voordeel. Meestal is het in NL juist te koud voor gewassen zoals mais. Het verschil tussen potentieel en referentie wordt soms, versimpeld, uitgedrukt met gewasfactoren.
Soms wordt potentiele verdamping ook wel gedefinieerd als de verdamping van het gewas niet zoals het op dat moment is, maar tijdens de piek van het groeiseizoen (volgroeid, vol in blad etc).
De aanname bij Makkink is dat gras normaal gesproken behoorlijk ontkoppelt is, en dus vooral energie-gelimiteerd. De stomata (en dus ook relatieve vochtigheid, wind etc) zijn dan minder van belang, maar niet nul. Met deze wind gaat die aanname echter minder op dan normaal.En dat begrijp ik niet. Wat bedoel je met 'ontkoppeld' en 'energie-gelimiteerd'?
Ik heb het zo even niet bij de hand, maar als je zoekt op de afleiding van Penman-Monteith kan je zien dat het een weging is van twee uitersten. De verdamping kan energie-gelimiteerd zijn (volledig ontkoppeld) of water-gelimiteerd (volledig gekoppeld). In de praktijk zal het altijd een beetje van beiden zijn.
In het ontkoppelde geval spelen de opening van de stomata, ruwheid, RH, wind etc geen rol. Dat lijkt erg op Makkink, waarbij Makkink voor het gemak ook de netto straling vervangt voor enkel de kortgolvige.
In het gekoppelde geval is het precies andersom en is verdamping meer advectie gedreven.
Normaal gesproken zijn hoge/grove gewassen met kleine bladeren sterker gekoppeld, zoals naaldbomen. Kleine gewassen en/of grote bladeren sterker ontkoppeld, zoals gras.