Ten eerste: waarom is die overgang zo abrupt? Het lijkt echt in een paar minuten te gebeuren van zicht tot 4000 meter hoogte tot zicht tot 1000 meter hoogte. Of gaat het ook daadwerkelijk zo snel ten opzichte van de waarnemingsfrequentie?
Ten tweede: hoe verhoudt zich dit nu tot wat je eerder liet zien over dat nachtelijk windmaximum. Wat ik niet snap is dat er op hoogte flink wat wind kan staan, maar dit niet leidt tot menging. Of bedoel je dat voor menging en opruiming van de inversie er juist wind op lage hoogte nodig is?