Modellen worden gemaakt op een computer. Dat zijn rekenmachines en geen denkende apparaten. Ik kan me voorstellen, dat die computers uit een stand van gegevens een volgende stand berekenen door vergelijking met het totale bestand aan mogelijkheden; Daar kunnen fictieve bijzitten, maar daarbij zitten ook alle bestanden van de reeds opgetreden mogelijkheden. Is het misschien mogelijk dat de modellen de mist ingaan omdat de situatie van deze winter nog vrijwel nooit eerder in deze modelbestanden zijn opgetreden. Al extrapolerend van fictieve stand naar fictieve stand komt de voorgeschotelde situatie steeds verder van de werkelijkheid af te staan.
Een weermodel is gewoon een verzameling vergelijkingen die natuurkundige processen in de atmosfeer beschrijven (zo goed als dit beschreven kan worden in een 'computertaal'). De naam model zegt het eigenlijk al, het is een beschrijving van processen die ook in de werkelijkheid plaatsvinden.
Het zijn geen statistische kaartenbakken ofzo die alle weerssituaties van de afgelopen jaren bevatten.
Een belangrijke bron van onzekerheid zijn de onzekerheden in de data die als invoer voor het model gebruikt. Wat dacht je bijv van meetfouten of van gebieden met weinig waarnemingen (gelukkig wordt dat een beetje opgevuld door satellietbeelden).
Juist het hele 'ensembles-gebeuren' stoelt mede op (mogelijke) onzekerheid van de beginsituatie, bij de ensemble leden wordt er steeds iets in de beginsituatie veranderd alvorens de boel door te rekenen. Als er veel verschillende oplossingen in de ensembles zijn weetje dat het verdere verloop onzeker is (er zijn vele paden waaruit gekozen kan worden).
Een ander principe dat in de ensembles wordt toegepast is de chaos-theorie.
Het belangrijkste om te onthouden is dat weermodellen zelf een zo goed mogelijke benadering zijn van de processen die zich in de atmosfeer afspelen (althans zo als wij ze natuurkundig zien) en dat de invoer ook een zo goed mogelijke benadering is van de weersituatie op het moment. Echter we zitten nog steeds met (technische en praktische) beperkingen en zullen het ws ook nooit 100% perfect kunnen krijgen, maar we zijn al wel een heel eind met de huidige techniek (als je eens ziet wat er nu allemaal kan) en natuurlijk gaat het onderzoek om methoden te verbeteren en nieuwe methodes te ontwikkelen voort.
Voor het maken van weersverwachtingen maken de meteorologen gebruik van voorspellingsmodellen, ook wel weermodellen genaamd. Dat zijn computerberekeningen waarmee de toestand van de atmosfeer, dus het weer wordt beschreven. Op basis van natuurkundige wetten wordt vervolgens berekend welke wijzigingen te verwachten zijn, dus hoe het weer waarschijnlijk gaat veranderen. Zo'n model wordt gevoed met recente gegevens van onder andere wind, luchtdruk, vochtigheid en temperatuur voor een groot aantal plaatsen op verschillende hoogtes in de atmosfeer, roosterpunten genaamd. Het KNMI beschikt over een eigen weermodel speciaal voor de korte termijn weersverwachtingen, het "High Resolution Limited Area Model" (HIRLAM) ontwikkeld. Daarnaast maakt het KNMI voor de middellange en lange termijn gebruik van de weermodellen van het Europees Weercentrum ECWMF in Reading waarin de meteorologische instellingen in Europa samenwerken.
Bron:
http://www.knmi.nl/VinkCMS/concept_detail.jsp?id=2395
Wat linkjes:
http://www.knmi.nl/VinkCMS/explained_subject_detail.jsp?id=4089
http://www.keesfloor.nl/artikelen/zenit/nwp100/
http://www.knmi.nl/VinkCMS/explained_subject_detail.jsp?id=3977
http://www.kennislink.nl/web/show?id=123606
Quote selectie