Spijtig genoeg niet volledig beantwoord, heb zelf geen exact antwoord erop maar wil er wat aan toevoegen.
Ik zal dan eens een poging wagen (had je thread ook al hierheen verhuisd ivm de drukte op het hoofdforum en hier kan er idd wat dieper op in worden gegaan).
vraag 1: De laatste dagen bevinden we ons in uitermate vochtige lucht zowel in de grenslaag als hogerop. We bevinden ons in een theta-w-tong, warm en vochtig dus, net als bij een Spaanse pluim. Werd dit vocht geadvecteerd? en zoja uit welk vochtig bronbebied. Eén iets is zeker we hebben geen hogedrukinvloed dus geen subsidentie.
Eind vorige week trok het hogedrukgebied naar Scandinavie toe en kwamen wij meer onder de invloed van lagere druk. Het hele weekend t/m gisteren aan toe lagen wij in een vore van lagedruk, waarin eind vorige week van 2 kanten lucht werd aangevoerd (vanuit Ib. Schiereiland en ook vanuit ZO-Europa).

Een Spaanse pluim situatie was het echter niet, bij een Spaanse pluim staat er een sterke zuidelijke stroming voor een koufront dat voor W-Europa/Frankrijk/Spanje ligt, en die stroming voert dan lucht aan van het Iberisch schiereiland. Bij een Spaanse pluim heb je dan ook te maken met verschillende aanvoeren, op hoogte is de lucht wat droger dan onderin. In zo'n situatie kun je een 'loaded gun' configuratie krijgen: de lucht onderin bevat genoeg warmte en vocht om tot onweersbuien te kunnen leiden, maar convectie wordt in eerste instantie onderdrukt door de warme en droge laag erboven. Echter als er een extra trigger bij komt (vaak koude bovenlucht die van achter het koufront over de warme lucht ervoor begint te stromen) of als de lucht zo warm wordt dat de cap doorbroken wordt, dan pas kunnen er buien ontstaan
Zie ook:
http://www.zamg.ac.at/docu/Manual/SatManu/CMs/SPl/index.htm
vraag 2: Heb zelf genoten van dit vrij zeldzaam verschijnsel (stroboscopisch onweer) alle bliksemactiviteit zat inderdaad hoog in het aambeeld. Hetgeen me trouwens opvalt is dat bij jonge actieve cellen er enkel bliksemactiviteit is in het aambeeld. Is de elektrische aktiviteit in een onweerscel evenredeg met het temperatuursverschil tussen basis en top of spelen er nog andere factoren een rol?
Ontstaan van bliksems, of beter gezegd de ladingsverdeling in de Cb die ten grondslag ligt aan de bliksems blijft een lastig te verklaren iets. Er zijn ws meerdere processen die meespelen.
Op dit moment durf ik er weinig over te zeggen, en ik heb de tijd nu niet meer om er dieper op in te gaan. Wel is het natuurlijk zo dat convectieve stromingen in de Cb zelf ook geladen water/ijs deeltjes met zicht mee transporteren. En dat met dat in het achterhoofd de bliksemactiviteit in ene bui ook wel gerelateerd is aan de convectieve activiteit.
vraag 3: Er ontstonden inderdaad nieuwe cellen aan de voorkant van reeds bestaande en grote onweerscomplexen, wat mij opviel, is dat dit gebeurde rond zonsondergang, is dit toeval of geeft het ontkoppelen van de grenslaag een extra trigger?
Alwin heeft de ontkoppeling v/d grenslaag en het windgedrag net boven de grenslaag wel in zijn verklaring opgenomen:
http://www.weerwoord.be/includes/forum_read.php?id=835018&tid=835018
Echter er is ook nog een ander fenomeen dat tot (vooral) intensivering van buien kan leiden: het afkoelen van de wolkentoppen agv IR-uitstraling. De afgekoelde wolkentoppen maken de temperatuurgradiënt tussen onderin en bovenin groter, wat convectie ten goede komt.
Overigens de nachtelijke low level jet agv ontkoppeling van de grenslaag is pas in de 2e helft van de nacht/de vroege ochtend het sterkst qua windsnelheden.
Quote selectie