Hallo Dieter,
Aangezien ik me ook op dit terrein begeef lees ik je bijdragen altijd met veel interesse. Je kent de geschiedenis goed in ieder geval.
Ik zit voor mijn winterverwachting nu ook met de Skandihogen te stoeien. Naar mijn idee is het aantal dagen met Skandihogen de laatste 20 jaar toch afgenomen en denk dat o.m. met de PDO te maken heeft. In de warme fase zouden ruggen ter hoogte van Alaska stabieler zijn waarmee ook de Labrador koude poel (LKP) beter op haar plaats blijft. De laatste jaren zie ik vaak (van vroegere winters zijn me helaas geen dagelijkse analyses van het NH bekend) dat een Alaskarug aan de kant wordt geduwd door een opstomend Aleoeten laag. Die rug tikt de LKP aan, welke op haar beurt de atmosfeer boven de Noord Atlantische Oceaan in beroering brengt. Of de Alaskarug word in tweëen gespleten tot een afgesnoerd poolhoog in de Beringzee, vaak o.i.v. stratosferische warmteimpulsen vanaf Siberië.
Ook dan is de LKP niet veilig. Afin, het is maar een suggestie waaraan ik theoriëen probeer te koppelen. Is er inderdaad sprake van een afname van Skandihogen?
Met decentralisatie van de poolwervel richting Canada heb ik weinig ervaring. Meestal zie je dat de poolwervel in de richting van Skandinavië opschuift onder druk van warmteimpulsen rond het Noord-Pacifische bekken. Deze verplaatsing lijkt me niet gunstig voor de ontwikkeling van hogedruk boven Skandinavië. Maar ik zie ook aanwijzingen voor opwarming aan deze zijde van de pool. De spontane Skandinavische hogedrukopbouw voor februari 1991 vond onder dergelijke omstandigheden plaats en ook het 'flitshoog' begin februari 2009 onstond na een splitsing van de poolwervel.
groeten Victor
Quote selectie