Dit is wel een enorm summier antwoord op allerlei gerichte vragen van mij Frank. Jij bent pienter genoeg om expres geen antwoord te geven op vragen die in mijn ogen sleutelvragen zijn. Het is je goed recht als je dat niet wilt, maar daarmee wek je de suggestie dat je dat niet kunt en het dus daarmee echt een geloof is. Een geloof in een hypothese misschien, maar totdat een hypothese bewezen is, blijft het een geloof.
Concreet antwoord op hetgeen je hier schrijft: De Hellmannmeter begint gemiddeld zo rond de derde decade van November te lopen en loop door tm begin Maart. Daarom kan je denk ik beter naar December-Januari-Februari kijken lijkt mij als je al iets over de NAO wilt zeggen.
Maar goed, gemiddeld stijgt ie dus vanaf tweede helft jaren 60 tot aan begin jaren 90, om vanaf dan weer te dalen. Okee. Weer vragen:
1) Het NAO-dal tot pakweg 1965 was natuurlijke variatie? Noordpoolijs smolt toen nog niet.
2) Vanaf 1979 neemt de oppervlakte af. Pas vanaf begin 90 zwakt de NAO wat af en dat dalende gemiddelde geraakt niet of nauwelijks negatief en staat dus in geen verhouding met de daling van 1950-1965.
Hoe verklaar je dat dan?
Bijgaande grafiek van het Climate Prediction Center geeft dat duidelijk aan. Alleen winter (blauwe lijn) 2011 schiet er bovenuit met een duidelijk positieve NAO. Winters 2010 en 2012 zijn behoorlijk negatief. Zo uit mijn hoofd kende de winter van 2011/2012 ook een lange zachte periode en werd het pas in februari en maart kouder.
Uitleg: 'The standardized seasonal mean NAO index during cold season (blue line) is constructed by averaging the monthly NAO index for January, February and March for each year. The black line denotes the standardized five-year running mean of the index. Both curves are standardized using 1950-2000 base period statistics.'

Quote selectie