Bedankt. Een paar dagen geleden werd door Jordi een hypothese besproken dat ozon mogelijk een rol speelt bij de koppeling tussen zonneactiviteit en verzwakking van de stratosferische vortex. Hierbij stelde hij dat er minder ozon wordt aangemaakt tijdens een zonneminimum doordat de evenaar er minder UV straling ontvangt. Omdat ozon warmte kan opslaan volgt dat bij vermindere ozon aanmaak minder warmte boven de evenaar aanwezig is. Hierdoor neemt het warmte verschil tussen pool en evenaar af, en is de vortex minder krachtig
https://www.weerwoord.be/m/2544189
Deze hypothese biedt een werkbare verklaring voor een eventuele koppeling tussen zonneactiviteit en de QBO. Namelijk, de QBO is betrokken bij de verspreiding van ozon door op zijn beurt weer invloed uit te oefenen op de Brewer–Dobson circulation (BDC). Hierbij is de BDC versterkt ten tijde van een QBO-oost. Hierdoor wordt er relatief meer ozon van de evenaar naar de polen getransporteerd, dacht ik. Dit versterkte transport verminderd het temperatuursverschil tussen evenaar en pool.
In het kort: lage zonneactiviteit + oostelijk QBO = minder ozon rond de evenaar en minder warmteopslag = kleinere temperatuursgradient pool/evenaar.
Enfin, dat is wat ik ervan denk te begrijpen, maar een uitvoerige analyse kan je in het artikel terugvinden (zelf nog niet goed doorgelezen).
https://agupubs.onlinelibrary.wiley.com/doi/10.26464/epp2019012