En als dat niet kan, omdat zelfs dit al te nauwkeurig is en alles in die weging teveel uiteenloopt, dan is dat eigenlijk alleen maar een bevestiging van mijn vermoeden dat het weer over 2 en meer maanden vooruit, voornamelijk chaos (ruis) is, waarvan het uiteindelijke resultaat zo ver vooruit, niet valt te voorspellen.
Je kent vast nog het project D1 van Harry Geurts (VWK), dat de verwachtingen van het KNMI toetste. Destijds kwam er veel kritiek op die verwachtingen omdat het nogal eens behoorlijk fout ging. Je hebt goede criteria nodig om een goede toetsing te doen. Die moest hij zelf opstellen om daarna de berekeningen te kunnen uitvoeren.
Aan Reinout vroeg ik bij de wintermeeting naar de betrouwbaarheid, hij gaf aan 70%. Dat wijkt weinig af van wat het KNMI in de zeventiger jaren presteerde en is alleszins voldoende om publiekelijk te communiceren. Hierop dieper ingaan, daar was de tijd niet voor, maar duidelijk is dat een grondige check van je verwachtingen en het goed en transparant communiceren ervan, de acceptatie een stuk gemakkelijker maakt.
Judah Cohen kan een voorbeeld genoemd worden van hoe je zoiets aanpakt. Elk winterseizoen geeft hij na afloop een grondige analyse van wat goed en fout was gegaan en vergelijkt hij zijn eigen methode met de uitkomsten van de meest bekende numerieke modellen. Zijn product staat er beter op dan de anderen maar bijvoorbeeld deze winter verwachtte hij te lage temperaturen voor Europa tot Siberië, die gaan hoogstwaarschijnlijk niet komen.