Dus besluit: pin je nooit vast op enkele membertjes die boven of onder de operationele run uitschieten.
Dat kan prima, anders zou je ook geen kanswaarden mogen berekenen aan de hand van het ensemble (wat wel gebeurd). Immers, bij een niet-operationele waarde zou men dan ook geen waarde mogen toekennen aan de numerieke resultaten van de individuele leden. Dat gebeurt wel. Je kan elk ensemblelid gewoon als individuele modelrun beschouwen, weliswaar op een lagere resolutie en met een wat andere begintoestand maar dat verandert niets aan het feit dat het een gewone modelrun is. Het ECMWF en GFS verschillen ook van elkaar in begintoestand, dankzij verschillende analysemethoden, en resolutie maar toch zijn het volwaardige modelruns. Je hebt naast ensembles van één model (dus met één set aan oplossingsmethoden voor fysica, dynamica, enz.) ook multi-model ensembles. Deze ensembles bestaan uit de numerieke resultaten van diverse hoge-resolutie weermodellen. Je kan een multi-model ensemble maken van ECMWF, GFS, UKMO, GME, GEM, JMA en NOGAPS bijvoorbeeld.
M.a.w. het feit dat de begintoestand aangetast wordt verandert nog niets aan het feit dat het gewoon volwaarde modelruns zijn met numerieke resultaten die gewoon gebruikt kunnen worden. Elk lid stelt een volwaardige mogelijke eindtoestand van de atmosfeer voor. In de context van het ensemble is het echter raadzaam om de numerieke resultaten om te vormen tot kanswaarden. Daarvoor moet je echter wel erkennen dat elk lid een volwaardige oplossing voorstelt, anders kan je ook geen kanswaarden bepalen.
Gr. Ben
Quote selectie