....waaronder sneeuwdikte en sneeuwval. Het eerste geeft aan wat het sneeuwdek is dat het model verwacht (dit groeit met een bepaalde fractie van de sneeuwval en neemt af door smelt en verdamping, ook twee beschikbare elementen). Daarnaast heb je sneeuwval, dit is de hoeveelheid neerslag in vaste vorm. Sneeuwval geeft dus een indicatie hoeveel cm sneeuw er valt, niet hoeveel ervan blijft liggen. De eenheid is equivalent water (om te kunnen vergelijken met regenmeters, waarin sneeuw wordt gesmolten).
Als de bodem onder nul is, blijft alles liggen, maar als die +5°C is smelt een belangrijk deel gelijk weer weg. Daar houdt het model ook rekening mee in zijn berekening van de sneeuwdikte. Je kan zelfs de hele staat van het sneeuwdek bekijken met het model, ook de albedo van het sneeuwdek is een element, de sneeuwdichtheid en de temperatuur van de sneeuwlaag.
Wat je in de pluim ziet is sneeuwval. Dit is vaste neerslag met als eenheid equivalent water (cm/mm). Het geeft enkel een indicatie van de
maximale aangroei van een sneeuwdek, dit kan minder zijn als de sneeuw bijvoorbeeld op een warme bodem valt. Er staat ook niet bij wat het huidige sneeuwdek is, het dient dus ook niet geïnterpreteerd te worden als het 'huidige dek'. Als je wilt weten hoeveel het dek echt groeit zou je het element sneeuwdikte moeten nemen en de zesuurlijkse tijdstappen van elkaar af moeten trekken. Negatieve groei laat je dan niet zien. Of je laat simpelweg sneeuwdek zien, dan krijg je een pluim zoals de neerslagaccumulatie of de ijspluim.
Wie wil weten hoe ECMWF met sneeuw omgaat en de stralingsbalans ervan, kan
hier terecht.
Gr. Ben
Quote selectie