Het is zeker geen onterechte discussie. Ik heb vrij recent een nieuw dimensieloos getal gemaakt om zomers met elkaar te vergelijken, dat probeert de totale hoeveelheid warmte (warm = temperatuur gelijk aan of hoger dan 20 graden) in het zomerseizoen (gedefinieerd als de maanden mei t/m september) te kwantificeren. Het dimensieloze getal loopt van 0 tot 100, waarbij het getal 100 de 'ideale' zomer voorstelt (in thermische zin). In zekere zin is mijn zomergetal een warmtegetal in cognito. Het bestaande warmtegetal gaat uit van 18 graden als drempelwaarde (gebaseerd niet op een fysische grens, zoals de 0-graden bij het vorstgetal, maar op een overschrijdingsfrequentie aan de warmte kant die gelijk is aan de onderschrijdingsfrequentie aan de koude kant). Ik ben echter uitgegaan van de definitie van een warme dag, 20 graden, om mijn zomergetal (warmtegetal) samen te stellen.
Het zomergetal is ook geconstrueerd aan de hand van herhalingsfrequenties (elke x jaar komt de waarde y voor), maar dan van de aantallen warme dagen, zomerse dagen en tropische dagen. Het zomergetal is uiteindelijk geworden:
Z(t) = 0,2542w + 0,5459z + 2,22T
waarbij w = warme dagen, z = zomerse dagen en T = tropische dagen. Hieronder een tabel met de top 10 van berekende zomergetallen over 1901 t/m 2005. De zomer van 2006 heeft, meende ik, iets van 70 punten gehaald en komt daarmee op een derde plek.
Quote selectie