Het leuke artikel van Gerbrand Komen valt op door de rustige en redelijke toon waarop hij vertelt en geeft een beeld achter de schermen. Hij is tamelijk mild over de "zij-instromers" (ik moest wel even gniffelen bij dit woord) en de niet-klimatologen.
Ik ben al blij met de constatering dat politici zich in het algemeen niet bemoeien met de wetenschappelijke inhoud. Inderdaad zijn er omstandigeden denkbaar waarin een politicus als eerste wil worden ingelicht, bijvoorbeeld om adequaat te kunnen reageren op kamervragen die naar aanleiding van het verschijnen van een rapport worden gesteld. Ik moest onwillekeurig denken aan de "affaire" van het verplaatsen van de KNMI thermometerhut van vorige week en vroeg mij af of de minister had gewild dat ze van die verplaatsing op de hoogte was geweest....
Overigens betekent het feit dat politici zich niet bemoeien met de wetenschappelijke inhoud niet dat ze zich nooit bemoeien met onderzoek uitgevoerd door wetenschappers. Die bemoeienis kan indirect zijn, door middel van het sturen van geldstromen, of direct. Jaren geleden werd een (emeritus?) hoogleraar van de TU-Delft gevraagd om de geluidsoverlast rondom Schiphol te onderzoeken. Toen de uitkomsten van dat onderzoek de minister niet welgevallig waren werd het rapport ter zijde geschoven met de mededeling dat het niet acceptabel was.
De paradox van het onafhankelijke wetenschappelijke onderzoek in Nederland is dat het voor een groot deel door de overheid wordt gefinancierd. Dat gaat goed als overheden zich er niet te veel mee bemoeien. We leven nu in een tijd dat wetenschappers redelijk onafhankelijk kunnen functioneren, hoewel er al minstens tien jaar een trend bestaat dat de overheid meer controle probeert te krijgen op de richting van het wetenschappelijke onderzoek. De overheid wil steeds meer zelf bepalen wat belangrijke onderzoeksrichtingen zijn en wat niet (via bijvoorbeeld NWO). Dat lijkt vanzelfsprekend, tenslotte wordt veel onderzoek gefinancierd met belastinggeld, maar het heeft belangrijke nadelen: (1) Het beperken van het "vrije" onderzoek, dat wil zeggen het "anything goes" onderzoek, behelst een belangrijke beperking van de creativiteit. Het aantal uitvindingen en ontdekkingen gedaan door onderzoekers die "zo maar" wat aan het onderzoeken waren is ontelbaar. (2) Het is spijtig om te constateren dat overheden in het algemeen tamelijk incompetent en traag zijn als het gaat om het maken van keuzes. Tegen de tijd dat een beslissing is genomen om een onderzoeksgebeid extra steun te bieden zijn we links en rechts ingehaald door Koreanen en Japanners. (3) Wat nu als we een regering krijgen die zich wel bemoeit met het onderzoek? Stel dat de PVV de grootste partij wordt. Hoe zal de verhouding tussen de regering en het KNMI er dan uit komen te zien? Wat betekent dit voor de positie van het KNMI en de informatie die dit instituut naar buiten brengt over de opwarming van de aarde en het onderzoek dat het instituut uitvoert? Ik durf me niet te wagen aan exacte voorspellingen maar ik vrees wel voor enigszins gespannen verhoudingen tussen beide.
Paul
Quote selectie