Dus als ik onderstaand bericht van jou lees, dan hoeft men zich niet zo'n zorgen te maken over het afsmeltende zeeijs? (zie kaart). Want toevallig dit jaar is er veel sneeuw en ook meer ijs aanwezig dus de opwarming is veel minder! Klopt toch niet. Heeft veel meer te maken met de dan voorkomende luchtdrukverhoudingen.
[...]
De escalatie komt door de afsmelt, het is een positief terugkoppelingseffect. Doordat het ijs dunner wordt, laat het meer zonlicht door. Hierdoor kan het water onder het ijs geleidelijk opwarmen. Hierdoor erodeert het ijs ook gemakkelijker van onderen. Verder kan het water in de gebieden die het hele jaar ijsvrij blijven meer warmte vasthouden. Door transport van dit warme water treedt verdere erosie op aan de zijkanten. Dan heb je nog het aspect van sneeuwaccumulatie op het ijs: smeltend ijs zorgt voor de opbouw van een waterdampoverschot in de luchtlagen boven de polen (de lokale circulatie houdt die waterdamp ruwweg in hetzelfde gebied), wat in het najaar en de winter leidt tot sneeuwval.
Als er weinig ijs meer overblijft om te verdampen, neemt het waterdampoverschot af, vermindert sneeuwval en daardoor neemt ook weer de albedo (het weerkaatsingvermogen) af. Zeeijs smelt moeilijker in de lente als er ook nog sneeuw op ligt: dat reflecteert veel meer zonlicht dan gewoon zeeijs. Water reflecteert ongeveer 6% aan zonlicht, zeeijs zo'n 50 tot 60% en sneeuw 70 tot 90%, afhankelijk van de leeftijd. Zie hieronder.
Gr. Ben
Quote selectie