Toevallig is het recentelijk een stuk reeëler geworden dat de kans dat de gemeten toegenomen temperatuurgemiddelden zuiver op toeval berusten, inderdaad verwaarloosbaar klein is. Zie daarvoor een artikel mijnerzijds in de aankomende Weerspiegel. In de hele discussie rondom het versterkte broeikaseffect gaat het in de wetenschap allang niet meer om óf het bestaat, in theorie en praktijk, maar meer hoevéél en wat de mogelijke gevolgen zijn (toekomst). Uit de vele onderzoeken wordt steeds duidelijker dat de antropogene factor in de huidige opwarming, die de gaande natuurlijke opwarming via het broeikasmechanisme enorm verstrekt, van aanzienlijke grootte is: 50 tot 70% mogelijk. Met andere woorden: zonder antropogene versterking zou er nog wel een langzame opwarming zijn, we zitten immers in een interglaciaal, maar die zou van 50 tot 70% kleinere amplitude en snelheid zijn. Ook wordt op statistisch vlak met het beschikbaar komen van betrouwbaardere proxyreeksen (ijskernen e.d.) het steeds aannemelijker dat de snelheid en mate van opwarming in de laatste 100 jaar voor >95% zekerheid geen natuurlijke schommeling binnen een gaande trend is. Opwarmingen zijn er natuurlijk genoeg geweest en ook redelijk snel, maar met redelijk snel wordt bedoeld: enkele duizenden jaren. We praten nu over een factor 10 tot 50 zo snel.
Gr. Ben
Quote selectie