Het zeewater is nog erg warm en met een noordelijke wind wordt de afkoeling in het noorden snachts ook getemperd. Daarbij houden de wolkenvelden ook nog de afkoeling tegen. Dit was afgelopen winter hier ook vaak het probleem. Steeds kregen we hier met een aanlandig (N) windje te maken, terwijl het zuidoosten te maken had met een aflandig wind. Maar soms was de wind zelfs in het zuidoosten noordelijk, maar toch kon het er dan stevig vriezen omdat de noordenwind daar eerst over een stuk land ging.
Groetjes van Stefan.
Hoi Stefan,
Door anderen is het al betoogd: het gaat om de speciale stroming in de atmosfeer en niet om de zeewatertemperatuur. Hoe zou anders een winter als in 1891 aan het einde van november kunnen invallen.
Aan de ander kant is het noorden en noordwesten van het land het meest gevoelig voor de zgn "dooi om de noord". Dat verschijnsel treed in veel winters op en zorgt dan voor tijdelijke dooi bij een naar noord of noordwest draaiende wind. Soms betekent dit dat het noorden er met de vorst wat minder af komt dan het zuiden. Vorig jaar was daar een sterk voorbeeld van; ook januari 1980 kende zoiets.
Vaak komt de winter ook versterkt terug na een dooi om de noord. Spectaculaire voorbeelden daarvan zijn 12/13 januari 1985 en 29/31 december 96.
Hoeveel warmer is het zeewater tegenwoordig, vergeleken met 20 jaar geleden? Kan niet meer dan een graad of 1 of 2 zijn. Dat effect spoort met de algemene opwarming in onze streken. Ook bij andere winden hebben we nu hogere temperaturen dan 20 of 30 jaar geleden.
Groet,
Cees
Quote selectie