[...]
CERN geeft middels PDF-bestand nadere uitleg.
Ik concludeer het volgende:
1. Op basis van dit onderzoek kan gesteld worden dat de kennis tot nu toe over condensatiekernen in de atmosfeer niet volledig of niet juist was. Misschien is er meer invloed van kosmische straling dan tot nu toe gedacht. Condensatiekernen spelen een essentiële rol bij wolkenvorming. Bovendien spelen deze condensatiekernen klaarblijkelijk ook een rol in terugkaatsing van de inkomende zonnestraling (in de toelichting van CERN wordt dit afzonderlijk effect genoemd, overigens zonder dat er een kwantificatie wordt gegeven)
2. Niet duidelijk is hoe de relatie is tussen condensatiekernen en wolken. Dit bedoel ik in kwantitatieve zin: is er een lineair verband? Doet toename van het aantal condensatiekernen de bedekkingsgraad evenredig of juist veel minder dan evenredig toenemen?
Eenzelfde vraag naar het verband tussen aantal condensatiekernen en de dichtheid van de wolken, die invloed zou kunnen hebben op de mate van terugkaatsing van de inkomende zonnestraling.
Is er misschien ook een negatieve feedback in de vorm van het uitregenen van de condensatiekernen?
3. Dat nieuw ontdekte effecten moeten worden geïmplementeerd in klimaatmodellen lijkt me logisch en noodzakelijk. Dat daarmee nieuwe resultaten aan het licht zouden komen is zeer de vraag. Zoals Ben opmerkte: is geen grote verandering in de kosmische straling. In het artikel (toelichting) wordt dus niet aannemelijk gemaakt dat we belangrijke nieuwe effecten op de klimaatverandering op het spoor zijn.
Overigens zeg ik er dan als betrekkelijke leek bij: het laatste lijkt me ook niet geheel uit te sluiten.
We wachten af; het onderzoek en de ontwikkeling van de modellen gaat door; en zo hoort het ook. Als we alles over het klimaat al wisten was de lol er af.
Groet,
Cees
Quote selectie