CO2 is een broeikasgas wat ervoor zorgt dat meer warmte wordt vastgehouden. De toename aan warmte zorgt ervoor dat de standaard posities van hogedrukgebieden en lagedrukgebieden veranderen. De verandering van die posities heeft weer invloed op de windrichting. Zomaar even een gedachtespinsel..
Hoe dan?
1) Doordat het Noordelijk halfrond sneller opwarmt dan het zuidelijke komt de zone met hoogste temperatuur in de tropen ook ten noorden van de evenaar te liggen. Hierdoor schuiven alle weerpatronen op richting de noordpool. In de jaren '60 van de vorige eeuw was het NH relatief koud t.o.v het ZH. De straalstroom lag toen ook zuidelijker en de NAO was negatief.
2) Door het toegenomen broeikaseffect is de evenwichtstemperatuur van de troposfeer sinds 1850 met 0,6 á 0,7 graden verhoogd. Zonder oceanen en terugkoppelingen zou dat nu de gemiddelde mondiale opwarming moeten zijn (lucht past zich snel aan vanwege de geringe warmtecapaciteit). Die opwarming wordt echter versterkt door de waterdampfeedback (vnl vanuit de tropen) en in het noordpoolgebied door de albedo feedback. Oceanen blijven achter in opwarming maar worden daarin gecompenseerd door een toename van instraling door de zon (hoeveelheid en reflectiviteit bewolking nemen ook af).
De versterkte opwarming vanuit de tropische convectie en de 'te hoge' temperatuur van troposfeer (t.o.v. het broeikaseffect) versterkt de Hadley circulatie waarmee ook de uitbreiding van het Azorenhoog kan worden verklaart. Anderzijds zou de snelle arctische opwarming tot verzwakking van de polaire cel moeten leiden.
Dit is theorie, en lijkt door klimaatmodellen bevestigd. De NAO is hierin een maat voor de snelheid van mondiale opwarming.