Grote probleem bij analyse van hittegolven in de tijd is, dat een hittegolf een rigide definitie kent die niet altijd recht doet aan hoe warm/heet het werkelijk was.
Zo zal een maand lang 29,9° als erg heet worden ervaren, doch geen hittegolf opleveren. Voor een tijdsanalyse is het derhalve beter een minder rigide maat te kiezen, bijvoorbeeld gemiddelde maximum in de zomermaanden.
Desondanks heb ik me toch even over hittegolven gebogen, en wel de periode 1901-2000 (100 jaar) die 32 hittegolven kende.
Met behulp van het statistisch programma R heb ik 10000 keer 32 hittegolven verdeeld over 100 jaar. Dit neemt aan dat er een stabiel klimaat is en dat die 32 heel 'normaal' is in 100 jaar.
Dan blijkt dat de kans dat er 25 jaar verstrijkt tussen een hittegolf en de volgende (zoals in werkelijkheid tussen 1950 en 1975) 0,05% is. Dat het wel is voorgekomen, duidt erop (zoals in de discussie al besproken) dat het klimaat niet stabiel was.
Het histogram hieronder toont de kans op aantal jaren tussen twee hittegolven zonder rekening te houden met klimaatverandering. De letter y (x-as) staat voor aantal jaren tussen hittegolven, de y-as is de absolute kans (voor percentage vermenigvuldigen met 100).
Quote selectie