Het antwoord is heel simpel. Je mag een ensemble nooit op zichzelf bekijken, maar steeds in samenhang met de kaarten en met de dynamiek die uit die kaarten blijkt. Je mag niet vergeten dat het ensemble van GFS "maar" uit een beperkt aantal leden bestaat (een 15-tal). In bepaalde situaties zal een ogenschijnlijk eenduidig ensemble samengelegd met de kaarten, wel voor grote zekerheid zorgen. In andere gevallen zal dat niet zo zijn. Dàt laatste is precies wat er nu aan de orde is. Immers, de kaarten (zowel de oper als die van de andere leden) leren ons dat er een dynamiek aanwezig is die bestaat uit een hogedrukgebied dat komt afzakken van boven Scandinavië en aan de oostflank waarvan een enorme bel koude lucht mee afzakt en in de richting van west europa wordt gestuwd. Zowat alle leden lieten dit in de kaarten zien, maar dinsdag was er nog geen enkel lid dat de koude ook effectief tot ons door liet dringen. De meeste lieten de kou halt houden tot ergens midden Duitsland en het uiterste NO van Nederland (er ontstaat overigens een situatie waar de kou erg snel uitdiept en op enkele honderden km van pakweg +5° op 850 hpa zakt naar zelfs bijna -20°. Wel, in dat soort situaties kan het weliswaar best zijn dat alle leden de kou nét niet laten doorschuiven, maar alleszins is de kou in al die oplossingen toch vlak bij. Dan hoeft er in een volgende run niet veel te gebeuren in de evolutie vanaf dag 1, opdat een of enkele leden al omslaan de koudebel wel laten doorschuiven tot bij ons. Dat is precies wat is gebeurd: de ensembles na gisterenochtend laten in toenemende mate leden zien die de kou wel laten doorschuivenn, andere leden zweren bij een standstill van de kou voor onze grenzen. En dus verandert het ensemble ingrijpend en bifurceert de zaak.
Quote selectie