Ik heb toch een vraagje, en het is tevens ook één van mijn kritieken op de film van Al Gore.
Die timelag van CO2 op de temperatuur tijdens het Pleistoceen vermeldt hij niet, hij suggereert dat door de CO2 de temperatuur gaat stijgen terwijl het voor een groot deel omgekeerd is.
De stijgende temp. maakt CO2 vrij. In die grafieken is het me ook niet duidelijk dat die stijgende CO2 een versterkend effect zou hebben, dat lijkt me moeilijk te bewijzen. Op een bepaald moment verwacht je dan toch dat de CO2 stijging vooruit gaat lopen op de temperatuur. Overigens is dit ook één van de grote kritieken van de non-believers.
Al Gore wou vooral laten zien dat CO
2 en temperatuur erg sterk met elkaar samenhangen, de exacte samenhang is daarbij eigenlijk nog niet eens zo relevant. Simpelweg omdat we nu zien dat de concentratie koolstofdioxide in 100 jaar tijd 30% hoger is geworden dan gedurende de afgelopen 800.000 jaar, kan je al concluderen dat de sterke temperaturstijging van de afgelopen 100 jaar daar in ieder geval dééls mee moet samenhangen. Hij probeerde dat over te laten komen met zijn analogie van de klasgenoot die ooit over de vorm van Afrika en Zuid-Amerika zei: ,,pasten die ooit in elkaar?''. Maar ik deel op zich je kritiek, dat Gore te weinig is ingegaan op de exacte manier waarop de twee samenhangen.
Zoals ik al schreef is het verband tussen CO
2 en temperatuur feitelijk twee kanten op, ook wel recursief genoemd. Uit de waarneemreeksen blijkt dat opwarmingen gemiddeld zo'n 5.000 jaar duren, waarbij enkel in de eerste 800 jaar de CO
2 achterloopt op de temperatuur. Het enige wat dit zegt is dus dat CO
2 niet de eerste 800 jaar van een 5.000-jarige trend kan verklaren. De overige 4.200 jaar zijn wel degelijk veroorzaakt door CO
2, althans voor zover we kunnen opmaken uit de gegevens. Het blijkt bijvoorbeeld namelijk dat de toename in CO
2 in de ijskernen van Antarctica, op het zuidelijk halfrond, wél voorlopen op de deglaciatie van het noordelijk halfrond. In eerste instantie zorgen orbitale forceringen voor het ingangzetten van de deglaciatie op het zuidelijk halfrond, waardoor de temperatuur begint te stijgen. Als gevolg hiervan, via o.a. oceanografische processen (dit is de vertraging van circa 800 jaar), neemt de concentratie koolstofdioxide wereldwijd toe en dit veroorzaakt weer een versterkt broeikaseffect. Dit laatste is uiteraard een natuurkundig principe, dat hoef je in principe niet uit de ruwe meetreeksen af te leiden. Naar verloop van tijd treedt dan ook uiteindelijk elders deglaciatie op. De reden waarom de CO
2 stijging desondanks niet gaat voorlopen op de temperatuur, is omdat deglaciatie ook ervoor zorgt dat het albedo van de planeet netto gezien snel verandert. Hierdoor blijft de temperatuur sneller stijgen dan de concentratie koolstofdioxide. Uiteindelijk is al het ijs verdwenen en treedt stabilisatie op. Waarom we momenteel zo'n sterke reactie zien op de antropogene toevoeging van koolstofdioxide, heeft ook voor een deel ermee te maken dat we nu in een periode zitten met relatief zeer weinig landijs. De netto-albedo van de aarde is momenteel nagenoeg gelijk aan die van de periode net na het einde van een grote ijstijd, het enige verschil is dat nu via antropogene weg een extreme stijging van koolstofdioxide in gang is gezet die normaliter op dit moment in de tijd niet zou moeten of zelfs kunnen voorkomen.
Extra bron: Nicolas Caillon, Jeffrey P. Severinghaus, Jean Jouzel, Jean-Marc Barnola, Jiancheng Kang, Volodya Y. Lipenkov, Timing of Atmospheric CO2 and Antarctic Temperature Changes Across Termination III, Science vol. 299, 14 March 2003,
hier te vinden.
Gr. Ben
Quote selectie